Het verschil tussen encoders en decoders
1. Kernverschillen in digitale logische circuits
| Gezien | Encoder | Decoder |
|---|---|---|
| Kernfunctie | Converteert meerdere invoerlijnen in een kleiner aantal uitvoerlijnen (binary code) die de positie of toestand van de actieve input vertegenwoordigt. | Converteert een klein aantal invoerlijnen ((binary code) in meerdere uitvoerlijnen, waarbij slechts één output actief is (high/low) die overeenkomt met de invoercode. |
| Input/output verhouding | Veel inputs (2n of meer) → Weinig outputs (n bits). |
Weinig inputs (n bits) → Veel outputs (2n). |
| Invoervoorwaarde | Meestal is slechts één input tegelijkertijd actief (prioriteitsencoders verwerken meerdere actieve inputs door prioriteit toe te wijzen). | Input is een geldige binaire code (n bits) die exact naar één output wordt gemarkeerd. |
| Output Betekenis | De output-binarycode vertegenwoordigt de index/positie van de actieve input. | Uitgang is een specifieke lijn die wordt geactiveerd (hoog/laag) om overeen te komen met de invoercode. |
| Veel voorkomende soorten | 4-tot-2-encoder, 8-tot-3-encoder, prioriteitsencoder ((handhaalt meerdere actieve inputs). | 2-tot-4 decoder, 3-tot-8 decoder, BCD-tot-7-segment decoder (voor digitale displays). |
| Belangrijkste gebruiksgeval | - Omschakelen van toetsenborden (meerdere toetsen) in binaire code voor een CPU. |
- 7-segment LED-displays (decoderen van BCD naar segmentsignalen). |
| Gezien | Encoder | Decoder |
|---|---|---|
| Kernfunctie | Converteert ruwe invoergegevens (tekst, afbeelding, audio) in een compacte, betekenisvolle latente representatie (embedding). | Het omzet de latente ingebedde gegevens (van de encoder) in door mens/machine bruikbare uitvoergegevens (tekst, beeld, audio). |
| Invoer/Uitvoer | Ruwe input (bijv. een zin, een afbeelding) → Vector met vaste/variabele lengte. | Inbed vector → Doel output (bijv. een vertaalde zin, een bijschrift voor een afbeelding). |
| Belangrijkste kenmerk | Eenrichtingsverwerking: leest de gehele invoervolgorde (tekst) of ruimtelijke gegevens (beeld) om de globale context vast te leggen. |
Autoregressieve/niet-autoregressieve generatie: bouwt stap voor stap (bijv. woord voor woord voor tekst) uit. |
| Veel voorkomende soorten | - Transformer Encoder (BERT, ROBERTA). |
- Transformer decoder (GPT, T5 decoder). |
| Belangrijkste gebruiksgeval | - Tekstclassificatie, sentimentanalyse, herkenning van een entiteit (NER). |
- Machinevertaling (bijv. |
Het verschil tussen encoders en decoders
1. Kernverschillen in digitale logische circuits
| Gezien | Encoder | Decoder |
|---|---|---|
| Kernfunctie | Converteert meerdere invoerlijnen in een kleiner aantal uitvoerlijnen (binary code) die de positie of toestand van de actieve input vertegenwoordigt. | Converteert een klein aantal invoerlijnen ((binary code) in meerdere uitvoerlijnen, waarbij slechts één output actief is (high/low) die overeenkomt met de invoercode. |
| Input/output verhouding | Veel inputs (2n of meer) → Weinig outputs (n bits). |
Weinig inputs (n bits) → Veel outputs (2n). |
| Invoervoorwaarde | Meestal is slechts één input tegelijkertijd actief (prioriteitsencoders verwerken meerdere actieve inputs door prioriteit toe te wijzen). | Input is een geldige binaire code (n bits) die exact naar één output wordt gemarkeerd. |
| Output Betekenis | De output-binarycode vertegenwoordigt de index/positie van de actieve input. | Uitgang is een specifieke lijn die wordt geactiveerd (hoog/laag) om overeen te komen met de invoercode. |
| Veel voorkomende soorten | 4-tot-2-encoder, 8-tot-3-encoder, prioriteitsencoder ((handhaalt meerdere actieve inputs). | 2-tot-4 decoder, 3-tot-8 decoder, BCD-tot-7-segment decoder (voor digitale displays). |
| Belangrijkste gebruiksgeval | - Omschakelen van toetsenborden (meerdere toetsen) in binaire code voor een CPU. |
- 7-segment LED-displays (decoderen van BCD naar segmentsignalen). |
| Gezien | Encoder | Decoder |
|---|---|---|
| Kernfunctie | Converteert ruwe invoergegevens (tekst, afbeelding, audio) in een compacte, betekenisvolle latente representatie (embedding). | Het omzet de latente ingebedde gegevens (van de encoder) in door mens/machine bruikbare uitvoergegevens (tekst, beeld, audio). |
| Invoer/Uitvoer | Ruwe input (bijv. een zin, een afbeelding) → Vector met vaste/variabele lengte. | Inbed vector → Doel output (bijv. een vertaalde zin, een bijschrift voor een afbeelding). |
| Belangrijkste kenmerk | Eenrichtingsverwerking: leest de gehele invoervolgorde (tekst) of ruimtelijke gegevens (beeld) om de globale context vast te leggen. |
Autoregressieve/niet-autoregressieve generatie: bouwt stap voor stap (bijv. woord voor woord voor tekst) uit. |
| Veel voorkomende soorten | - Transformer Encoder (BERT, ROBERTA). |
- Transformer decoder (GPT, T5 decoder). |
| Belangrijkste gebruiksgeval | - Tekstclassificatie, sentimentanalyse, herkenning van een entiteit (NER). |
- Machinevertaling (bijv. |